Overzicht van categorie ‘Featured Article’

De social media reports van ons ECCO netwerk zijn er!

dinsdag, mei 25th, 2010

Al die social media platforms die de afgelopen jaren als paddenstoelen uit de grond zijn gesprongen, bieden allerlei nieuwe kansen voor bedrijven en merken. Wij als communicatieprofessionals zouden dit kanaal “en masse” moeten omarmen. Onze vaardigheden zijn meer dan ooit nodig om de inzet van social media tot een succes te maken. Maar daar zit meteen ook het zwakke punt. Onze expertise en het actueel houden van onze vakkennis is daarbij natuurlijk een pré. Zeker als je, zoals wij bij Bex* dat graag doen, op internationaal niveau “eredivisie” wilt spelen.

Over onze landsgrenzen heenkijken dus. En daarvoor hebben wij ons ECCO netwerk. Een internationaal gezelschap van PR- en MARCOM profs die zich hier met elkaar verbonden hebben. In die hoedanigheid hebben we de afgelopen periode samen aan onze “Social Media Guide” gewerkt. En nu is het zover! Deze maand, mei 2010, komen we met onze rapporten waarin we, land-voor-land, de belangrijkste platforms bespreken van 22 landen.

Struin er gerust eens doorheen. Je vindt de rapportages op de weblog van Ecco. Rechts onder de knop “chapters” kun je het land aanvinken waar je meer over wilt lezen. Direct door naar de Nederlandse versie die onze Senior Online Strateeg Ruud Kessels geschreven heeft? “Klikt en gij zult vinden”.

De Bex*to school workshops komen er weer aan!

woensdag, maart 17th, 2010

Bex-logoVergroot uw communicatiekracht!

Ons vakgebied was nog nooit zo in beweging. Hoewel communicatie een dynamisch vak is, kunnen we ons voorstellen dat het u soms duizelt. Daarom organiseren we twee keer per jaar Bex*to school-bijeenkomsten. In concrete, praktische workshops delen we met u graag de nieuwste kennis en inzichten van Bex*communicatie, Bex*training en coaching en Bex*online strategie. Het zijn interactieve bijeenkomsten waarbij we u ook de gelegenheid bieden om inzichten en ervaring te delen met vakgenoten. Bex*to school vormt zo een perfecte voedingsbodem voor de vergroting van uw (persoonlijke) communicatiekracht.

Van 19 tot en met 28 april houden we in Eindhoven en Amsterdam weer een scala aan bijeenkomsten. U bent van harte welkom! Op de volgende pagina’s ziet u het complete Bex*to school-programma; meer informatie vindt u op www.bexcommunicatie.nl.

Wat gaat Bex*online strategie doen?

“Social media als onderdeel van uw communicatiestrategie”

De roep vanuit de samenleving om online de dialoog aan te gaan met merken, bedrijven en organisaties is luider dan ooit. Tegelijkertijd krijgen communicatieprofessionals te maken met hele nieuwe communicatie-instrumenten met elk hun eigen dynamiek. Dat roept vragen op. Want hoe integreer je social media in je communicatiestrategie? Welke instrumenten gebruik je? Welke stappen doorloop je, welke doelstellingen koppel je er aan en hoe maak je de bijdrage van social media meetbaar?

Tijd voor een goed gesprek!

Wij delen graag onze kennis met u. Na afloop weet u hoe:

  • Social media geïntegreerd kunnen worden in het strategische overall communicatiebeleid;
  • De online buzz over uw organisatie of merk inzichtelijk gemaakt kan worden;
  • U de online interactie kunt managen zonder dat het u onevenredig veel tijd kost;
  • U negatieve buzz voor kunt blijven;
  • Doelstellingen voor social media SMART gemaakt kunnen worden.

Wij gaan u uitdagen.

Door met elkaar in debat te gaan over dit thema en door de opgedane kennis door te vertalen naar eigen kansen.

Voor wie is dit bedoeld?

Voor iedereen die wil weten hoe social media onderdeel kan zijn van de communicatiestrategie.

Wanneer?

Op maandag 19 april wordt deze workshop gehouden in Amsterdam. Op woensdag 28 april bent u van harte welkom op onze vestiging in Eindhoven.

Inschrijven?

Dat kan via de events op LinkedIn voor Amsterdam en Eindhoven, of via onze website.

Hoe een avatar het online gedrag verandert

donderdag, december 24th, 2009

AvatarAfgelopen halfjaar heb ik blijkbaar in een grot gewoond. Het is me helemaal ontgaan dat James Cameron, regisseur van o.a. Titanic, bezig was met een mega filmproductie genaamd Avatar. Hoe het komt? Ik heb bij het woord ‘avatar’ nog steeds beelden in mijn hoofd van hoekige, stramme, lelijke personages uit de begintijd van Second Life. Vrij vaak hadden die digitale wezens seksuele bijbedoelingen en daar zat ik nou niet echt op te wachten. In de beloofde digitale wereld heb ik een levenloze avatar achtergelaten, zonder ook maar een keer om te kijken. Sinds die tijd heb ik het woord ‘avatar’ geblokt.

Toen mijn collega Ruud Kessels mij vroeg iets te schrijven over de overeenkomsten en de verschillen tussen de online persoonlijkheden en de werkelijke mensen achter deze personages, moest ik eerst over mijn vooroordelen over avatars heen stappen. Even googelen en wat bleek: avatars blijken niet alleen in Second Life voor te komen. Sterker nog: bij alle digitale ruimtes waar je jezelf in kunt plaatsen, blijk je je te kunnen verplaatsen in een avatar, een digitale versie van jezelf. Zelfs als je een spelletje op je Wii speelt. Ik ben uit de grot, ik heb weer oog en oor voor avatars.

Wat is een avatar en wat kun je ermee?

De definitie van ‘avatar’ is volgens de Hindoes ‘een het op aarde verschijnen, een vleeswording van een godheid’. In ons online tijdperk is de betekenis van het woord aangepast en staat het voor allerlei verschijningsvormen waarmee je jezelf online kunt presenteren. Dit varieert van een simpele foto of een plaatje in een chatbox of bij je LinkedInprofiel, tot 3D-figuren in videogames of op Second Life die je naar je eigen smaak kan vormgeven. Natuurlijk wel met de beperkingen van het systeem van de game of de site. Deze beperkingen zorgden er in het begin voor dat de avatar geen evenbeeld is van diegene die hij of zij representeert. Tegenwoordig is het steeds meer mogelijk om een avatar naar je evenbeeld in ‘real life’ te creëren. De grote vraag is: willen mensen dat wel? Willen mensen juist online niet helemaal iemand anders zijn dan de in werkelijkheid? En als je met avatars te maken hebt, hoe weet je dan dat deze figuren betrouwbaar zijn en werkelijk zijn wie ze zeggen te zijn?

avatar vs real

Het Proteus-effect

Met die vragen heeft blogger dr. John M Grohol Psyd zich ook beziggehouden in zijn post “The Proteus effect: How our avatar changes online behavior” oftewel ‘Het Proteus (=niet realistische)-effect: hoe een avatar het online gedrag verandert’. Volgens dr. Grohol kunnen deze vragen beantwoord worden door te kijken ‘hoe mensen zichzelf in beeld representeren in een online omgeving, gebaseerd op hun avatar keuze.’ Hij is in wetenschappelijke artikelen gedoken en vond enkele antwoorden.

Aantrekkelijkheid en lengte beïnvloedt gedrag

Uit de studie van Yee & Bailenson (2007) blijk dat de aantrekkelijkheid van een avatar invloed had op hoe intiem een deelnemer wilde zijn met een vreemde. Deelnemers die een aantrekkelijkere avatar hadden, stelden zich eerder open voor contact met vreemden. Vooral als het ging om een avatar van het andere geslacht. In een tweede studie kwam naar voren dat de lengte van de avatar invloed had op het zelfvertrouwen van deelnemers. Langere avatars waren bereid om eerder oneerlijke voorstellen te doen in onderhandelingen, terwijl kortere avatars eerder bereid waren om op die oneerlijke voorstellen in te gaan.

Onderzoek in een bestaande online community

In bovenstaande onderzoeken ging het om gedragsonderzoek in een laboratoriumsituatie. Twee jaar later gingen de onderzoekers (Yee et al, 2009) aan de slag met dezelfde onderzoeksvragen, maar nu in een bestaande online community. Ze kwamen erachter dat ook in deze omgeving de lengte en aantrekkelijkheid van de avatar online gedrag van de deelnemers voorspelde.

Konden in voorgaande onderzoeken de deelnemers zelf hun avatar uitzoeken, in een vierde onderzoek (Yee et al, 2009) kregen de deelnemers een avatar aangewezen. Wat bleek? Deelnemers die een langere avatar kregen toegewezen, waren agressiever in onderhandelingssituaties in vergelijking met de kortere avatars.

Uiterlijk en gedrag moeten overeenkomen

Dr. Grohol concludeert: “De manier waarop we onszelf als avatars presenteren in online communities heeft effect op het gedrag dat we daar vertonen.” Hij vervolgt zijn artikel en deponeert de stelling: De mate waarin je aanwezig bent in een sociale omgeving in interactie met anderen wordt verhoogd door of je uiterlijk overeenkomt met het verwachte gedrag. Als de uiterlijke verschijning niet overeenkomt met het gedrag, kan dit een negatieve invloed hebben op onze sociale aanwezigheid.

Op dit punt raak ik blogger dr. Grohol kwijt, want vervolgens schrijft hij dat uit onderzoeksgegevens inderdaad blijkt dat hoge aantrekkelijkheid en een lange avatar de beste resultaten opleveren voor sociale aanwezigheid. Dat een onaantrekkelijke en korte avatar gemiddeld scoort op sociale aanwezigheid en dat een aantrekkelijke en korte avatar laag scoort op sociale aanwezigheid. Volgens mij zijn aantrekkelijkheid en lengte allebei uiterlijke kenmerken en geen gedragskenmerken. Wel is aantrekkelijkheid een subjectief begrip en de interpretatie daarvan kan per persoon verschillen. Je zou uit het onderzoek kunnen concluderen dat de uiterlijke kenmerken van een avatar consistent moeten zijn. Bij een ‘lelijk’ hoofd hoort een ‘lelijke’ lengte. Vervolgens hoort bij die ‘lelijke’ persoon ook ‘lelijk’ gedrag.

Blogger dr. Grohol concludeert aan het eind van zijn artikel dat de keuze van je avatar wel degelijk invloed heeft op de manier waarop je je op het internet presenteert. Ik zou eraan willen toevoegen dat consistentie hierbij heel belangrijk is. Presenteer je jezelf uiterlijk als een aantrekkelijk persoon, dan moet dat ook uit je gedrag blijken. Nog belangrijker, je moet dit ook volhouden. Je kunt je dus wel voordoen als iemand anders, maar doe dit dan wel consistent. Komt uiterlijk niet overeen met gedrag, dan kom je onbetrouwbaar of onecht over. Je wordt niet serieus genomen of erger, je wordt genegeerd.

In de huid van een Na’vi

Terug naar waar ik begon: de film Avatar. In deze film kruipt hoofdpersoon Jake Sully in de huid van een avatar die uiterlijk sterk op een Na’vi lijkt. Na’vi zijn de oorspronkelijke blauwe bewoners van de planeet Pandora. Of de hoofdpersoon het ook lukt om zijn gedrag op die van de Na’vi te laten lijken, dat weet ik niet. Ik heb de film, die op dit moment in de bioscoop draait, nog niet gezien. De film wordt bejubeld om de digitale technieken die erin gebruikt worden. Dat is voor mij een reden om de film te willen zien. Maar de drie uur die de film duurt, daar zie ik wel tegenop. Vooral ook omdat ik bij de vorige film van regisseur James Cameron ‘Titanic’ ergens halverwege in slaap viel.

Reblog this post [with Zemanta]

Ouders grijpen Hyves aan voor Internetopvoeding

donderdag, oktober 15th, 2009

Media, waaronder Hyves nemen een grote rol in het leven van kinderen.

Hyves-logoUit het recent verschenen onderzoek ‘Krabbels & Respect plz?, Hyves en Kinderen’ van Qrius voor Stichting Mijn Kind Online en Digivaardig Digibewust blijkt dat maar liefst driekwart van alle kinderen tussen de 8 en 17 jaar een Hyvesprofiel heeft. Daarvan logt de helft één of meer keer week in en een derde zelfs dagelijks. Volgens Stichting Reklame Rakkers vormen media voor de jeugd inmiddels de omgeving of de werkelijkheid. In 2005 deed de stichting Reklame Rakkers een onderzoek waaruit bleek dat kinderen steeds jonger onder invloed van media komen, terwijl de rol van ouders alsmaar eerder afneemt. Tijden zijn veranderd. Anno 2009 blijkt dat ouders Hyves aangrijpen voor internetopvoeding.

De rol van de ouder

Zonder opvoeding of educatie is het moeilijk om informatie te interpreterenen te verwerken en te komen tot eigen meningen, keuzen en verantwoord zelfstandig mediagedrag. Dit geeft Reklame-Rakkers als reden voor ouders om invloed uit te oefenen op het mediagedrag van hun kinderen. Volgens het Hyves-onderzoek zijn de ouders van nu betrokken internetopvoeders en lijken ze Hyves aan te grijpen om aan internetopvoeding te doen. Ongeveer driekwart van de ondervraagde kinderen heeft hun vader en/of moeder als vriend in hun netwerk zitten. ‘Bijna alle acht-jarigen hebben hun ouders in hun vriendennetwerk. Bovendien hebben bijna alle kinderen tussen acht en tien jaar hun wachtwoord aan hun ouders gegeven, wat erop wijst dat zij Hyven onder begeleiding van hun ouders. De invloed van ouders is ook zichtbaar aan het feit dat de meerderheid van alle profielen van kinderen tot tien jaar zijn afgeschermd, dus onzichtbaar gemaakt voor onbekenden.’

image1

‘Daddy-on-the-dancefloor’ syndroom

Volgens het artikel bij het onderzoek doen ouders van pubers een stuk minder aan internetopvoeding. ‘De pubers in het onderzoek gaven veel minder vaak aan dat ze met hun ouders praten over hun ervaringen op Hyves. Van de 8-jarigen heeft de helft het er wekelijks over, maar van de 16- en 17-jarigen is dat nog maar 1 op de 10. Dat terwijl juist in de puberteit actief deelnemen aan sociale netwerken steeds intensiever wordt en dat brengt risico’s met zich mee.’ Volgens mij speelt hier een andere reden mee: pubers willen helemaal niet meer dat ouders zich bemoeien met hun sociale netwerk. Ze willen privacy en geven daarom niet hun wachtwoord aan hun ouders. Een mooi inzicht uit het rapport is dat jongeren het best vinden dat hun ouders in hun Hyves-vriendenkring zitten. Zolang ze maar geen genante krabbels sturen en zich zeker niet bemoeien met andere ‘Hyves’vrienden. Reindert Rustema, docent Nieuwe Media aan de UvA vergeleek het in EditieNL met het ‘daddy-on-the-dancefloor’ syndroom. ‘Het is voor jongeren verschrikkelijk als hun vader zichzelf ook nog even uitleeft op de dansvloer als hij hen komt ophalen bij het uitgaan.’

Wil je meer weten over het gebruik van Hyves door kinderen en de gevaren die hierin schuilen, lees dat het rapport Krabbels & Respect plz? ;-)

Online opvoeding

Stichting Mijn Kind Online en Digivaardig Digibewust willen verantwoord en veilig gebruik van digitale middelen stimuleren. Naar aanleiding van de bevindingen uit het onderzoek hebben ze twee online brochures uitgebracht om ouders te helpen met de online opvoeding:

De brochures geven inzicht in het Hyves-gebruik van kinderen en jongeren, geven de ouders een mini-cursus Hyves en wijzen op de gevaren (bijvoorbeeld malafide modellenscouts) van het gebruik van Hyves. Vooral de tips achterin de bochure zijn handig om samen met je kind door te nemen terwijl je achter Hyves zit. Of als aanleiding te nemen om eens te praten over Hyves met je puber.
De nuttigste tip en misschien ook wel de vanzelfsprekendste tip uit de brochure is: ‘Als je iets niet zou doen in real life, doe het dan ook niet in cyberspace’. De aanbeveling om nooit gegevens of foto’s te publiceren waardoor een toekomstige werknemer je kan afwijzen, vond ik voor kinderen van 8-12 jaar minder gepast.

De cijfers: Kinderen en Hyves-gebruik

Driekwart van alle kinderen tussen de 8 en 17 jaar heeft een Hyvesprofiel, blijkt uit Het onderzoek ‘Krabbels & Respect plz?, Hyves en Kinderen’. Volgens het CBS zitten er ruim 1,5 miljoen kinderen op de basisschool. Dan kun je berekenen dat er van de basisschool leerlingen vanaf acht jaar ongeveer 750.000 kinderen op Hyves zitten. Ongeveer één derde (= 250.000) van dat aantal logt dagelijks in en de helft (=375.000) één tot een paar keer per week. Ter vergelijking: naar het Jeugdjournaal keken gisteren 373.000 mensen en daarvan is een deel kind. De Donald Duck heeft een oplage van 318.124, het bereik bij 6 t/m 12 jaar is 399.000. Als je kinderen via media wilt bereiken, is ‘Hyves’ je aandacht waard.

image2

Web 3.0, een hype of een visie

maandag, augustus 17th, 2009

Yes,-we're-openEr wordt veel geschreven over dat web 3.0. En uiteraard vaak met de nodige scepsis. Want veranderingen vinden we maar eng. Na de crisis gaan we toch gewoon weer over tot de orde van de dag… En ja, het is een typisch ‘buzz’woord, maar laten we even wat verder kijken dan dat. Om dat te verduidelijken verwijs ik graag naar de heer Darwin en zijn evolutietheorie. Met dat in je achterhoofd is de uitvinding van de CD-i van Philips een logische stap in de evolutie naar de DVD. En zo evolueert ook het Wereld Wijde Web. In dat licht bezien is Web 3.0 geen hype, maar een logische nieuwe stap. En een significante, want eindelijk wordt het internet ‘slim’. Logisch gevolg daarvan zal zijn dat we in het daaropvolgende web 4.0 tijdperk op een heel andere manier omgaan met het internet. Ook de manier waarop we daarmee geld verdienen. Maar eerst de tussenstap in de evolutie: het Web 3.0.

Even een en ander in perspectief plaatsen.

In het begin van dit jaar heb ik Maarten de Rijke van de Universiteit Van Amsterdam en Raymond Franz van TrendLight ontmoet via de door mij opgerichte LinkedIn groep “het web der entiteiten”. Beiden timmeren hard aan de ontwikkeling van het Web 3.0 in Nederland. Sinds die tijd hebben we geregeld contact en geven we graag presentaties over dit fenomeen. Als ambassadeur van het slimme internet zie ik het als mijn taak om er vanuit de communicatiekansen over te publiceren. Daarmee impliciet aangevend dat het geen toekomst meer is, maar heden. Dat bleek ook vanochtend weer toen Raymond en ik een presentatie gaven voor een Nederlandse uitgever. De daar besproken zaken vat ik hier graag even samen, maar eerst nog even dit:

Web 3.0? Wat is web 1.0?

Even terug naar de basis. Wat is Web 1 dan eigenlijk?

De term web 1.0 verwijst naar het web van:

  • Documenten
  • Hyperlinks
  • Online massacommunicatie
  • Verouderde businessmodellen

Het contentweb, waarbij het meeste van de content gratis is. Daarbij komt dat slechts 10% van de aanwezige content ook echt vindbaar is. Het leeuwendeel is weliswaar benaderbaar achter logins en/of programma’s zoals iTunes, maar niet vindbaar.

AltaVista, Napster, Amazon, eBay en Google zijn bekende namen uit die dagen.

Het ümfelt van Web 1.0 in het grotere geheel. Bron: http://www.pronamic.nl/

Het umfelt van Web 1.0 in het grotere geheel. Bron: http://www.pronamic.nl/

Okay, helder. En web 2.0 dan?

Kort en bondiger kan ik het niet formuleren: het sociale web. Het tijdperk van:

  • User generated content
  • Blogs
  • Burger journalistiek
  • Het zelf taggen van content
  • Het aanmaken van profielen
  • De tijd van delen, participeren en standaardiseren

Een échte kille app die helemaal web 2.0 is, is Wikipedia. Maar denk ook nog eens terug aan Second Life, jazeker, het draait nog steeds. Tot juli 2007 was het zelfs nog toegestaan voor Avatars om te gokken en te wedden in Second Life. Momenteel wordt er tevens stevig gediscussieerd over onder andere een verbod op pornografie en virtuele seks met minderjarigen. Ook zal binnenkort elke avatar die gebieden wil bezoeken waar inhoud voor meerderjarigen aanwezig is, een Real-World-legitimatieplicht krijgen (bron: Wikipedia). Andere voorbeelden zij Delicious, Digg, Facebook, Hyves, LinkedIn en Twitter.

web-2.0

Het umfelt van Web 2.0 in het grotere geheel. Bron: http://www.pronamic.nl/

De nabije toekomst

Als we wat verder in de toekomst kijken, wat staat ons dan zoal te wachten:

  • De mate van intelligentie van het internet en alles wat daarmee samenhangt gaan toenemen. Artificial intelligence komt nu echt heel erg dichtbij. Met het toenemen van die kunstmatige intelligentie zijn ‘online agents’ zeer goed in staat om experts te vinden voor elk mogelijk probleem of vraagstelling.
  • Onze identiteit ligt volledig open, waarbij elk individu wel in controle blijft over de mate waarop dat gebeurt.
  • Sociale netwerken zullen meer naar elkaar toegroeien en uiteindelijk samenvloeien tot iets nieuws.
  • Hyper locale content, relevant voor slechts een of enkele individu’s. Goede voorbeelden hiervan zijn de iPhone app AroundMe en de website EveryBlock. Van massa naar niche dus.
  • Het web is volledig open source met open content die voor iedereen bruikbaar is om nieuwe elementen te ontwikkelen. Minder regulatie dus én minder copyright.
  • Die openheid maakt het heel gemakkelijk voor individuen om zelf aan de slag te gaan met die content: persoonlijk ondernemerschap. Zie maken volledig nieuwe toepassingen of voegen toe aan bestaande: meer samenwerking in plaats van competitie.

De toekomst van het internet.

De toekomst van het internet.

Wat is dan een goede definitie van Web 3.0?

Ik citeer de woorden van Raymond: ‘van een ongestructureerde content pool naar een gestructureerde en met elkaar verbonden informatiecloud, volledig met elkaar verbonden door semantische classificatie en samenwerking.’

Hoe kunnen we daar geld aan verdienen? What’s in it for me?

De openheid ‘dwingt’ ons tot nieuwe verdienmodellen. Een in mijn optiek wenselijke ontwikkeling, aangezien de crowd niet wil betalen voor content. De businesscase moet worden omgedraaid. Het opengooien van de deuren is de trigger voor vele ontwikkelaars om met innovaties te komen die de contentbeheerders nooit kunnen bedenken. Zodra er dan geld mee verdiend wordt, moet er een geldstroom op gang komen die weer richting contentbeheerder terugstroomt.

Om die deuren volledig open te kunnen zetten, moet de intrinsieke waarde van die informatie boven tafel komen:

  • Personen en plaatsen
  • Data en hoeveelheden
  • Onderwerpen
  • Sentimenten en meningen
  • Tone of voice

Gerelateerd aan andere gestructureerde data van:

  • Google
  • Flickr
  • LinkedIn
  • Wikipedia
  • Open Congres
  • New York Times
  • Et cetera

En natuurlijk:

  • Open source software
  • Open source content
  • Open source databases
  • Open platforms
  • Open ontologieën en taxonomieën

Om dat doorlinken goed te kunnen doen kunnen we niet zonder techniek en standaarden als rfd, owl, parel, foaf en zo verder. Gelukkig is er een organisatie als w3c.org die daar voor gezorgd heeft. Dat laten we mooi voor wat het is.

Dat is nogal wat hè!

Het open gooien van de deuren is een enorme barrière op dit moment. Toch denk ik dat het hier naartoe zou moeten gezien de hoeveelheid gefragmenteerde content. Bovendien zijn ook de online advertentie-inkomsten eindig , in print zelfs al flink dalend. De economische crisis versnelt dit proces. Betaalde content is een utopie. Je kunt het web en haar gebruikers niet reguleren, noch alles achter copyrights hangen.

En dan is er natuurlijk nog de overheid Ook zij ‘moeten’ transparanter’ gaan opereren. Ook zij moeten hun service level opkrikken. Daarbij komt dat de Web 3.0 revolutie kostenbesparend werkt en ondernemerschap, zeker onder jongeren, aanwakkert. Door aan te sluiten op de reeds bestaande Web 3.0 omgeving kan Nederland een koploperpositie claimen in Europa op dit gebied.

Vooralsnog moeten we nog veel leren van anderen. Kijk daarom ook eens naar wat Reuters, New York Times, The Guardian en de Washington Post doen op dit gebied en plot dat over je eigen internetvisie. Welke kant wil jij er dan mee op? Waar liggen voor jou de kansen?

Linkeconomie
Er zijn al business modellen aanwezig op het web. Goede voorbeelden waarbij de opengestelde content leidt tot nieuwe inkomsten. En dat hoeft dus niet ‘gratis’, want dat is natuurlijk niet het toekomstige doel. Het doel van de toekomst is ‘linken’. Door zoveel mogelijk verwijzingen naar de eigen artikelen te creëren, ontstaat traffic. Traffic leidt tot advertentiemogelijkheden en dát is business.

Maar daarvoor moet die content natuurlijk wel vindbaar zijn. En laten we wel wezen, relevante content komt toch wel naar je toe. Voorbeeld: een scoop die ik ‘s ochtends lees in mijn papieren krant en die wordt verstopt achter de internet tariefmuur, vind mij binnen no-time via een andere RSS feed. Zonder verwijzing naar het oorspronkelijke artikel, want dat is door diezelfde tariefmuur onmogelijk gemaakt.

Dus: het nieuws vind me hoe dan ook. Exclusiviteit op internet bestaat niet. Waarom zou je dus betalen voor iets wat je elders voor niets krijgt? Bovendien wil je als journalist zijnde een scoop toch met zoveel mogelijk mensen delen, commentaren verzamelen opleveren en aanvullende informatie aandragen? Het verstoppen van een scoop is dat licht bezien een tegenstrijdige actie.

Semantsich gekoppelde data. Om aan t egeven hoe snel het gaat. Linksboven de stand van spetember 2008, rechtsbeneden die van maart 2009.

Semantisch gekoppelde data. Om aan t egeven hoe snel het gaat. Linksboven de stand van spetember 2008, rechtsbeneden die van maart 2009.

Meer weten?

Web 3.0 – a hype or a vision

Reblog this post [with Zemanta]

“Foreverism”

woensdag, juli 15th, 2009

conversatie‘Hoe consumenten en bedrijven conversatie, levensstijl en producten omarmen die nooit af zijn’

Altijd fijn als de overtuiging die ik predik, onderbouwd kan worden met feiten. Een collega maakte me recent attent op een artikel over ‘Foreverism’. De strekking van dat artikel komt prachtig overeen met elementen die op de agenda staan voor de komende Bex*zomer academie en de Bex*pedities. Om jullie lekker te maken, hierbij een voorproefje…

Het ‘heden’ is populairder dan ooit. Hoewel vele consumenten nog steeds direct bevredigd willen worden door in een zo’n kort mogelijke tijd, zo goedkoop mogelijk, zoveel mogelijk ervaringen op te doen, is ook een groeiende kracht die dat ‘voor altijd’ wil doen.

Miljoenen persoonlijke pagina’s, feeds, tweets, status updates, profielen en blogs in de Facebooks, LinkedIns, Twitters en Hyves van deze wereld bouwen aan een eeuwige encyclopedie van individuen. Deze data blijft voor eeuwig bestaan. En niet omdat de servers dat zo graag willen, maar omdat de, met name, jongere generatie niet willen scheiden van hun online evenbeeld. Het eeuwig aanwezig zijn, betekent ook het voor altijd vindbaar zijn en tot in lengte van dagen volgbaar zijn.

Schermafbeelding iPhone applicatie heyWay

Schermafbeelding iPhone applicatie heyWay

Dankzij deze verbindingen blijven mensen hun flickr foto’s, youtube filmpjes, blogs en tweets met elkaar delen. Applicaties als Google Latitude en de iPhone applicatie HeyWAY laten ons zien wie van onze vrienden in de buurt is en makelijk het mogelijk om direct contact te zoeken. Dit verschijnsel “Foreverism” betekent een significante verandering in ons sociale gedrag: het voortdurend in contact staan met vrienden, familie, vreemdelingen en, jawel, merken op elke mogelijke manier tot in de eeuwigheid. Amen.

De infrastructuur was er al enige jaren, de consument stond al langer open voor contact, maar het laagdrempelige, gemakkelijk te gebruiken en ‘in-your-face’ verschijnsel Twitter lijkt de echte aftrap te hebben gegeven voor de persoonlijke communicatie. De burgerjournalistiek waarbij de bomaanslag in India, het vliegtuig in de Hudson en de vliegtuigcrash in Amsterdam zijn voorbeelden van hoe mensen dit soort gebeurtenissen vandaag de dag met elkaar delen.

Merken zien dat verschijnsel uiteraard ook en beginnen het spel steeds beter te begrijpen. Zij gebruiken Twitter voor hun PR, nieuwsverspreiding en lanceren marketing campagnes waarbij volgers van het corporate Twitteraccount speciale privileges genieten: ‘members only’. Dat betekent ook dat de mensen achter het merk belangrijker gaan worden. Echte mensen achter de grote merken. Zij zijn het namelijk die de dialoog voeren: Personal branding in de corporate omgeving.

Logisch dat merken eerst de stroom klachten zullen moeten verwerken nu ze na jaren van éénrichting en zendergestuurde communicatie zich eindelijk open stellen voor een goed gesprek. Maar als het merk écht luistert en de klachten probeert op te lossen zal de klachtenstroom uiteindelijk verdampen. En daarmee zal de relatie tussen bedrijf en consument gelijkwaardiger worden en de focus veel meer op samenwerking en, wellicht zelfs, co-creatie komen te liggen.

Fragment uit dialoog met klant - Telfort

Fragment uit dialoog met klant - Telfort

Bedrijven ontkomen er niet aan zichzelf ook open te stellen in het online domein. Net zoals consumenten dat al gedaan hebben. Als we dat punt bereikt hebben zal de communicatie zich steeds meer toe spitsen op een continu stromende dialoog tussen consument en merk. Dit is een onomkeerbaar proces waarbij de massacommunicatie zoals we dat tot op heden gewend waren minder belangrijk wordt. De communicatie zal dus nooit ‘af’ zijn, waarbij het merk vermenselijkt en in een vroeg stadium het incomplete product of dienst al deelt met de consument.

Het proces wordt het product. ‘De weg is het doel’ zou Boeddha zeggen. Het draait hier om continu verbeteren en innoveren. Samen met de klant. Voor altijd en eeuwig…

Bron: trendwatching.com

Kom naar de Bex*zomer academie!

zondag, juni 14th, 2009

academieIn de communicatiewetenschap vinden doorlopend nieuwe ontwikkelingen plaats. Dat levert nieuwe inzichten op die zich vaak aan het zicht van communicatieprofessionals én bestuurders onttrekken.

Bex*communicatie biedt u de kans daar verandering in te brengen. Van 18 tot en met 27 augustus 2009 organiseren wij de Bex*zomer academie. Dit is een reeks van 5 seminars over thema’s op het snijvlak van communicatiewetenschap en bedrijfsbrede thema’s. Elk seminar wordt ingeleid door een wetenschapper of specialist. Daarna geeft een co-referent van Bex* een reactie vanuit praktijkperspectief. De seminars zijn sterk interactief. U krijgt volop de kans om uw eigen vraagstukken ter tafel te brengen. Via de online inschrijving kunt u al de nodige vragen en verwachtingen kenbaar maken. Elk seminar begint om 14.00 uur en duurt tot 18.00. U kunt zich inschrijven op onze website.

‘Wat hebben mensen online met elkaar te maken?

Ruud Kessels van Bex*online strategie en dr. Peter Kerkhof, universitair hoofddocent Communicatiewetenschap aan de Vrije Universiteit Amsterdam, beantwoorden op donderdag 27 augustus de vraag ‘Wat hebben mensen online met elkaar te maken?’.

Minder dan vijftien jaar geleden, in de beginjaren van het Internet werd vaak een toekomstbeeld geschetst van extreme individualisatie. Daarbij zou de kloof tussen informatie-armen en -rijken alleen maar groter worden. Slechts een deel van die voorspellingen is uitgekomen. De laatste jaren beleven we juist door het Internet een revolutionaire ontwikkeling in intermenselijke en -actieve communicatie.

Sociaal-psycholoog Peter Kerkhof laat zien dat de natuurlijke drang van mensen om te willen communiceren uitermate goed in de online wereld gefaciliteerd wordt. In feite is Internet een aanjager van drijfveren boven in de piramide van Maslow geworden: zelfontplooiing, ergens bij willen horen, erkenning en waardering zoeken. Vanuit sociologisch perspectief analyseert Peter Kerkhof deze ontwikkelingen en komt tot interessante conclusies. Slimme communicatieprofessionals halen daar de kansen en bedreigingen uit.

U wordt daarbij geholpen door co-referent Ruud Kessels, teamleider van Bex*online strategie. Hij laat voorbeelden zien van meer en minder geslaagde toepassingen van sociale communicatie (web 2.0). Natuurlijk vragen we u om met ervaringen en inzichten uit uw eigen praktijk te komen. Na dit seminar heeft u een beeld van de bijzondere sociale effecten van de nieuwste Web 2.0 toepassingen en de patronen die daaraan ten grondslag liggen. Gastheer en discussieleider is Stephan Hoek, eveneens van Bex*communicatie.

Voor nu alvast een warme zomer toegewenst en we zien u graag op 27 augustus!

De veranderende rol tussen adverteerder en consument

zondag, mei 24th, 2009

De relatie tussen adverteerder en consument is aan het veranderen. Uiteraard leidt zo’n verandertraject tot onzekerheden en vragen. Uit beide kampen overigens. De consument worstelt met die veranderende rol. Zij zoekt duidelijkheid bij het merk, hier en daar diepgang en soms zelfs is er sprake van het willen aangaan van een ‘relatie’. De adverteerder worstelt op zijn beurt met die mondige en kritisch geworden consument.

Hoogste tijd om die trend eens onder de loep te nemen.

Hoe ging ‘t?

Traditioneel gezien is de rol van adverteerder die van zender. Het merk wil iets verkopen, de consument wil dat misschien wel aankopen. De boodschap wordt in een gelikte campagne gegoten waarbij de optelsom van ‘produktje’ en ‘prijsje’ aan moet zetten tot de gewenste actie: het toestromen van massa’s consumenten. Via diverse kanalen verspreidt de adverteerder zijn boodschap. De consument laaft zich aan alle aandacht en een aantal van hen vertonen zelfs het gewenste gedrag. Doelstelling bereikt.

De stilte nadat het campagnebudget is verbrand is doorgaans oorverdovend. Een vakgenoot kon het laatst niet treffender omschrijven: ‘de adverteerder is nog té vaak die vriend die er alleen is als ‘ie je nodig heeft.’

Hieronder een filmpje die de traditionele rol tussen adverteerder en consument op amusante wijze verbeeldt:

Waar gaat ‘t naartoe?

Met de complexer wordende samenleving verandert ook de gezagsverhouding tussen adverteerder en consument. En daarmee verandert ook de manier waarop diensten en producten ontwikkeld én vermarket worden.

De duidelijkst waarneembare trend is die van het actief participeren. De adverteerder praat niet langer óver zijn klant, maar mét zijn klant. Waarover? Nou, nu veelal nog over klachten via het webcareteam. Steeds vaker gaat ook over productinnovaties. Via fora, blogs of in een enkel geval in een brandcommunity in de social media. Dit laatste fenomeen wordt in jargon co-creatie genoemd.

Waarom is die trend zo wenselijk?

Actieve klanten die participeren in productinnovatie zijn betrokken klanten. Betrokken klanten die serieus genomen worden door hun merk, groeien uit tot loyale klanten. Loyale klanten fungeren als ambassadeurs, de ‘vrienden van het merk’.

Wanneer die fase is bereikt, is er welhaast geen agressieve campagne meer nodig. In plaats van de kortstondige pieken in het contactmoment is hier sprake van 365 dagen top of mind zijn. Door het netwerk van vrienden in te zetten bereikt de adverteerder met een fractie van de kosten ook een groot deel van zijn doelgroep. Dat kan een salesreden hebben. Maar ook een oproep om mee te denken over een nieuw product.

Een goed huwelijk = commitment

Hetgeen hierboven beschreven is geen sinecure. Ik trek niet zomaar het vergelijk met een goed huwelijk. Een relatie opbouwen is één, het onderhouden is twee. Apple is er al jaren mee bezig. En met resultaat. Dit merk heeft dan ook fans in plaats van gebruikers. Maar het vereist geduld, een gedegen en goed geadministreerd contactbeleid en, niet onbelangrijk, een goed product uiteraard om op die positie te komen én te blijven.

Dus?

Teveel marketeers en productmanagers denken nog teveel in quick wins waarbij in korte tijd harde salesdoelstellingen behaald moeten worden. Ik denk dat bovenstaande visie dan ook beter uitgerold kan worden door een communicatieafdeling. Lieden die de wil om te communiceren als het ware ademen. Dat zijn de bruggebouwers tussen merk en doelgroep. Zij kunnen relaties aangaan. Op die ‘onderstroom’ kunnen eenvoudig marketing- en salescampagnes geplot worden met een versterkende werking als eindresultaat.

What’s in it for me?

Voor uw organisatie betekent dit wellicht een complete mindshift in het denken. Misschien bent u er al vollop mee bezig. De crux zit ‘m volgens mij in het combineren van de quick win met de lange termijn visie. Hoe kan een salesdoelstelling voor de korte termijn het fundament vormen voor een brandcommunity op lange termijn? Ik hoop natuurlijk dat u bereid bent het antwoord op die vraag met mij te delen. Ook daar valt voor beiden immers winst in te behalen.

Nieuwsgierig geworden? Lees dan ook eens deze artikelen:
- Traditionele marketing versus social media marketing
- De toekomst van social media volgens Forrester
- Over brandcommunities
- Over co-creatie

Dat het besef van verandering doorsijpelt bij beide kampen is helder. Maar het is niet eenvoudig. Ter afsluiting de luchtige kijk op dit proces. Veel kijkplezier!

Bex*online strategie posts
Twitter
YouTube
Flickr
  • IMG_0720
  • IMG_0718
  • IMG_0719
Delicious